De rots als metafoor

SOC. MEDIA BLOG DE ROTS

Voor mij is een metafoor een manier om grote zaken helder te maken.

Onlangs kwam de metafoor ‘De Rots’ in mijn leven. Graag neem ik je even mee in dat vergelijk. Aanvankelijk had ik op dat bewuste moment behoefte aan een veilige plek, en in mijn hoofd ontstond het beeld van een rustplek. Een kuil in een rots waar ik ongestoord alleen kon zijn, de zon op mijn snoet en de tijd om even pas op de plaats te maken. Ik genoot en putte moed uit dit mooie rust moment.

Verkwikt stond ik op en vervolgde mijn weg.

Mijn enthousiasme speelde me hier parten want, doordat ik de omstandigheden niet voldoende had overzien, viel al snel de donkerte in en kon ik beter een schuilplaats zoeken om te overnachten. Gelukkig bood mijn rots me ook dat onderkomen. Vanuit het holletje bezag ik die volgende ochtend mijn pad. De eenvoudige start die ik waarnam bracht me in flow om deze route te vervolgen en ik verzamelde daardoor moed en kracht om mijn voorgenomen plan uit te voeren.

Het vervolg leek aanvankelijk onmogelijk om te nemen,

maar door de situatie te observeren, vond ik een mogelijkheid. Wat een heerlijk gevoel, het was aan het gebeuren! Mijn enthousiasme temperde wat toen ik bijna bovenaan was. Een gevaarlijk stijl stuk lag voor me. Hiervoor had ik hulpmiddelen nodig. Toen ik goed keek, zag ik dat anderen hier ook al geweest waren. Ik onderzocht hun achtergelaten materiaal en voorzichtig en goed doordacht begon ik aan de laatste klim.

Onoverwinnelijk voelde ik me,

toen ik bovenop die enorme rots mijn armen strekte en mijn pad, en alles daaromheen overzag. Wat een enorme voldoening.

Ondernemen is voor mij, ook, als zo een wandeling op dit rotsige pad.

Actie, enthousiasme, wachten, doorzettingsvermogen, observeren, doen, uitproberen en bereiken. Als ik aan het eind van dit jaar terugkijk zie ik een pracht pad van de afgelopen paar jaren en al de bovengenoemde werkwoorden, en meer, hebben me begeleid. Sterker nog; ik zie een nieuwe top die ik wil beklimmen. Mijn kerstvakantie zal ik grote vellen ophangen op mijn werkkamer. Langzaam en zeker zullen de plannen vorm krijgen. Dus voor jullie: Tot begin volgend jaar. Dan zal ik mijn plannen ontvouwen. Een mooie afsluiting van dit jaar en de mooiste rotspaden gewenst voor het komend jaar.  

 

 

 

 

 

Van Top-down naar gelijkwaardig met 21e eeuwse vaardigheden

21e eeuwse vaardigheden klein

Al decennia lang bestaat VTS als methode voor kunsteducatie in Amerika. De voordelen van deze methoden worden in het huidige onderwijs steeds meer gezien als een pracht zwaai naar sterkere manieren van lesgeven.  Werkwijzen die, meer dan de traditionele vormen, richting de 21e eeuwse vaardigheden gaan.

Van oorsprong

kijken de leerlingen bij deze methode onder begeleiding naar kunst en geven daar in een open gesprek gericht en gestructureerd aandacht aan het kunstwerk en elkaar. De verschillen en overeenkomsten worden waargenomen en zonder oordeel wordt er voortgebouwd op elkaars zienswijze. Alle perspectieven gelden als waardevol, wat de deelnemers zelfvertrouwen geeft in het geven van hun persoonlijke mening en wat hun kritische denken aanscherpt. Mét deze oefening in creatief, associatief en reflectief denken leren zij tegelijkertijd respectvol omgaan met elkaars visies.

Deze diepere vorm van leren

ontwikkelt bij de deelnemers wezenlijke vaardigheden zoals de hierboven schuingeschreven termen. Dit is iets wat in de nabije toekomst veelvuldig ingezet gaat worden. De maatschappelijke ontwikkelingen laten zien dat het top-down denken en werken, aan het ombuigen is naar een meer gelijkwaardig aanwezig zijn. Goed naar elkaar kunnen luisteren en elkaar beschouwen is dus heel wezenlijk. Hierdoor zullen elkaars talenten en expertises gezien, gewaardeerd en op de juiste plaats ingezet kunnen gaan worden. Alle talenten zullen waardevol blijken om een gebalanceerd team te creëren en resultaat te boeken.

De 21e eeuwse vaardigheden 

zijn  namelijk opgesteld vanuit deze gedachte.  Het intellectueel kapitaal van ons allen samen, zal de drijvende kracht zijn voor de toekomst. Dit betekent dat politieke, sociale en economische vooruitgang tijdens het huidige millennium alleen mogelijk zullen zijn, als we onze huidige jeugd uitdagen hun houding en intellect toekomstgericht te ontwikkelen.

Als ik om mij heen kijk

zie en hoor ik inderdaad van steeds meer scholen dat zij hiermee aan het werk zijn. Deze kinderen / leerlingen / studenten zullen zich op deze manier in hun schoolloopbaan al voorbereiden op hun toekomstige manier van werken. Ook binnen bedrijven zie en horen we dat het top-down denken en werken, plaats maakt voor teamsessies waarbij managers gelijkwaardig met de werknemers braindumpen. Deze inbreng convergeren zij weer om bijvoorbeeld ontwikkelthema’s te bezien. Hiermee wordt zowel in de diepte als in de breedte gedacht. Door deze vorm van samenwerken hebben collega’s meer kijk op ieders vaardigheden en wordt dus het zicht op mogelijkheden groter. De betrokkenheid van werknemers wordt versterkt en hun verantwoordelijkheidsgevoel krijgt een boost. Ik denk dat juist dit voorwaarden zijn om met plezier, inzet en motivatie te kunnen werken.   

 

 

 

 

Kansen voelen, uitdenken en creëren

Een poosje terug had ik een gesprek over expertises, plannen en acties. 'sMiddags dumpte ik mijn gedachten op papier. Met wat ik daar vond na bijna 60 jaar levens- en 40 jaar werkervaring voelde ik mijzelf rijk. Rijk met mijn kunde en kennis, en met de kansen die ik nog steeds zie in combinaties met andere expertises. Op deze leeftijd heb ik ervaring met het nodige én energie genoeg dus wil ik voor ieder die geïnteresseerd is …  nou ja lees maar even.

1.OVERZICHT

Terugblik

2.TERUGBLIK'100 jaar’ geleden werd ik kleuterleidster. Een gouden greep waar ik, nog touwtje springend op de lagere school,  al naar uitkeek. Wat ik toen nog niet wist, en later bleek, was het niet alleen de leeftijd van de kinderen wat mij trok. Veel kleuters zijn nog puur. Door goed observeren zag ik van elk kind waar hij/zij van hield en wat de sterke/zwakke kanten waren. Zo wist ik ook welke materialen en werkvormen ik voor dat kind in kon zetten om hem/haar te laten genieten van hetgeen er die dag op het programma stond. Mijn creativiteit in denken kreeg die jaren alle ruimte en groeide. Toen ik, wat jaren later, startende onderwijsgevende begeleidde in hun eerste jaar zelf voor de klas, werd mijn ‘huppeleffect’ legendarisch: als jouw opdrachten goed getimed en ingeschat zijn, zijn de kinderen huppelend aan het werk. Dit kan fysiek huppelen zijn, een schittering in de ogen, een blos op de wangen of een focus die je verbaasd. Je begrijpt dat ik van dit vak genoot.

Een eigen bedrijf

3.EXPERTISEDertig jaar, 6 scholen en kilometers veranderend onderwijsbeleid verder, was het elan er af en ging ik juist daar naar weer op zoek. In het informatie-tekenen vond ik mijn talent voor het pakken van de essentie van een verhaal, interview, beleidsstuk etc., het structureren van die kern, én het omzetten ervan naar beeld. Hierin vond ik mijn eerder verloren enthousiasme weer terug. Toch kriebelde die didactische expertise in mijn hersenpan en in mijn hart. Daarom ontwikkelde ik alleen en samen workshops om mensen te leren hun informatie in beeld om te zetten. Hen te inspireren deze beeldtaal als tweede moedertaal te gaan voelen en gebruiken..Ook ik leerde uit ervaring en mijn huidige workshops kenmerken zich wederom door sfeer, plezier en vooral zelf doen in kleine stappen binnen een gegeven structuur. 

Kansen voelen

4.SITUATIEVoor het merendeel werk ik vanuit huis waar we een heerlijke ruime werkkamer hebben gecreëerd voor mij. De kinderen studeren en zijn het huis uit. Dat geeft leegte maar ook ruimte. Ruimte om mijn energie aan een nieuwe uitdaging te koppelen. Om zo mijn expertises verder te laten bloeien en van nut te maken. Naast het tekenen in opdracht, het geven van workshops en het inspireren tot visueel werken bij het maken van verslagen of presentaties, zou ik graag meer willen samenwerken.

 

 

 

1+1=3 of 4

5.KANSENSamenwerken in een kleine groep en zo expertises te plakken om samen

*Mooie, leerzame, relevante trajecten te kunnen maken en overbrengen.
*Mijn / onze didactische kennis en vaardigheden inzetten en delen 
*De kunst van het pakken van de essentie samen te gebruiken om zo een heldere 
   communicatie te creëren
*De kracht van het structureren mede in te zetten voor dit doel en
*De troef van het omzetten in beeld te laten schijnen als groeiende tweede moedertaal

Dus zoek ik naar jou of anderen die je kent die digitaal erg sterk zijn, en/óf blij worden van samenwerken, en/óf  hierin kansen zien, en/óf zelf andere expertises in te zetten hebben.

Het is top om te weten wat ik wil. Maar het brengt het pas mogelijkheden als ik dit deel met jou als lezer. Om je te vragen of jij, of iemand uit jouw netwerk, mee wil creëren, mogelijkheden ziet. Fijn dus als je er over wilt denken of dit wil delen. 

 

 

 

School: 'zin in' of 'worsteling'?

In hoeveel klassen zal het aan dit begin van het schooljaar weer zo gaan: 

School zin of worsteling 1De leraar/leerkracht legt uit, de leerlingen luisteren en maken wel of geen aantekeningen. Voor sommige leerlingen is het verhaal niet logisch. Zij begrijpen niet echt wat de essentie er van is. Jammer, dat gaat thuis weer meer werk opleveren om zover te komen. Ligt dit aan het verhaal van de leraar of ligt dit aan deze leerlingen?
Ik denk dat de wisselwerking tussen hen hier oorzaak van is. De leraar / methode hanteert een wezenlijk andere denkstijl dan deze niet begrijpende leerlingen. Dit maakt begrijpend luisteren heel lastig. Het is dus geen kwestie van ‘fout’ of ‘schuld’ maar een communicatiemisser.

Om welke twee denkstijlen gaat dit dan?

school zin of worsteling 2Onderwijsmethodes werken veelal vanuit de analyse, stap voor stap naar de oplossing of het overzicht. Dit sluit aan bij de seriële manier van denken (tijd en volgorde) en heet de verbaal cognitieve denkstijl, of kortweg taaldenken. Woorden en begrippen zijn de informatiedragers en het stapsgewijze denken zorgt voor de helderheid en structuur.  Iedereen met deze denkstijl begrijpt de uitlegstappen van de leerkracht/leraar, ziet de logica en onthoudt het daarom makkelijker.

De andere denkstijl is de visueel cognitieve denkstijl, of kortweg beelddenken. Deze mensen hebben moeite met het verwerken van deze seriële informatie. Zij verwerken de informatie beter simultaan (gelijktijdig): Niet de stappen zijn voor hen uitgangspunt van denken maar het geheel waarin deze details een plaats hebben. Met dit overzicht als uitgangspunt zien zij al associërend de verbanden, en werken zo naar de details toe. Eigen ervaringen en kennis nemen zij in dit denkproces mee. Zo maken zij het geheel inzichtelijk. Beelden zijn hierbij hun informatiedragers.. Omdat dit associatieve denken in beelden veel minder tijd vraagt van onze hersenen dan het taaldenken, begrijpen zij op deze manier de informatie vaak sneller, heeft het direct een context en kunnen zij er al denkend mee ‘spelen’.

Het huidige onderwijssysteem is dus lastig voor beelddenkers.

school zin of worsteling 3Het geheel / het overzicht wordt, binnen de onderwijsmethoden, meestal pas aan het eind van het leerproces gegeven. Leerlingen die weet hebben van het verschil  tussen deze twee denkstijlen kunnen zich het zelfstandig omkeren van de informatie eigen maken. Dit kost hen wel bergen energie.

 

school zin of worsteling 3extraLeerlingen die geen weet hebben van deze verschillen hebben, ontwikkelen hierdoor makkelijk een laag zelfbeeld: ‘ik zal wel dom zijn’. Dit is onterecht, het doet zeer én het duurt vaak jaren voor dit beeld herzien wordt door hen én hun omgeving. Eenmaal aan het werk zijn het namelijk vaak geliefde collega’s die met behulp van hun talent om vanuit het overzicht te denken, probleemoplossend en strategisch denken .

 

Hoe weet je welke denkstijl je hebt?

school zin of worsteling 4Denk eens aan het woord ’toetje’. Zie je dan in gedachten een schaaltje met je lievelingstoetje met wafel en slagroom? Of zie je de letters van het woord toetje: t-o-e-t-j-e. Het verschil lijkt door deze kleine test zo onbelangrijk maar er zit een wereld van verschil tussen deze verbaal cognitieve en visueel cognitieve denkstijl.

Vanaf welke leeftijd weet je welke denkstijl je hebt?
Als baby zijn we allemaal deze beelddenker. De baby hoort de taal van de mensen om zich heen, maar denkt nog in ervaringen en beelden. Na heel vaak het woord ‘slapen’ gehoord te hebben, weten zij dat het bedje (zacht, warm, rustig) en het naar bed brengen (omkleden, liedje, muziekje) er mee bedoeld wordt.
Vanaf een jaar of 4 ontwikkelen we ons als taal- of als beelddenker en rond het 10e jaar is onze denkstijl een feit.*
Een relatief klein aantal mensen heeft geen voorkeur en kan voor elk moment de meest handige denkstijl kiezen.

*2010 onderzoek van Jaap Murre, hoogleraar Theoretische Neuropsychologie Universiteit Amsterdam

En wat ligt er in de toekomst voor deze beelddenkers?

school zin of worsteling 5Op dit moment wordt er door Jaap Murre en Anneke Bezem gewerkt aan testprofielen voor deze leerlingen. De bedoeling is dat hiermee ook passend onderwijs geboden kan gaan worden aan visueel cognitieve denkers. De hoop en verwachting is dat dit onderzoek dit jaar zal worden afgerond.

 

 

 

 

De impact van beelddenken

overtuigd beelddenkerAls overtuigd beelddenker

ben ik altijd blij met mensen die de kracht van deze (erfelijk overgedragen) manier van denken voor het voetlicht brengen. De laatste tijd gebeurt dat steeds meer. Vooral de impact die deze manier van denken op je heeft boeit mij. Daarom hier een beknopte gedachtegang langs mijn ervaring en die dan van velen. Want ook al is het een pracht manier van denken, toch kan die impact op je start knap lastig zijn. Waarom dan?

tempodenkerBeelddenkers denken voornamelijk met de associatieve, rechter hersenhelft.

Deze helft heeft voor elk stukje informatie dat binnenkomt de weg naar 1000den opgeslagen associaties in beeld, emotie en ervaring. Die associaties verlopen razendsnel. Er worden 32 beelden per seconde verwerkt. Dit is razendsnelle tempo is ook een valkuil. Het andere deel van de wereldbevolking verwerkt met z’n linker hersenhelft 2 á 3 woorden per seconde. Zij hebben weer als voordeel dat het schoolsysteem hier in het westen naadloos aansluit op hun manier van denken.

info op zn plekSchool geeft je stukjes informatie,

keurig overdacht opgebouwd om het goed te kunnen begrijpen. Die informatie kan in je linker hersenhelft lineair opgestapeld worden. Als beelddenker stapelt dat niet, maar ga je bij ieder nieuw stukje informatie zoeken naar: waar plak ik het aan? in welke context wordt dit bedoeld? Je hebt er tientallen openstaan. Al luisterend zoek je naar het plekje waar je het zal opslaan in je associatieve rechterhelft. Dat kost tijd, en maakt je denken en ook reageren trager.  In jouw actieve breindeel zijn zoveel opties! Dát weten: dat jij je opslaglocatie zoekt! Het lijkt vanzelfsprekend, maar jij en veel beelddenkers voelen het als: ik begrijp het niet. Als je om zich heen kijkt en je niet de verwarring bij de anderen ziet die je zelf wel voelt, denk je: De rest begrijpt het wel. Ben ik dom? Nee! Wel anders. Niet erkent anders. Dus ongemakkelijk. Vol twijfel. Deze tijdruimte, onzekerheid en verwarring wordt niet alleen door jou gevoeld, ook zien nog steeds veel leerkrachten, ouders en de rest van je omgeving dit als niet zo slimme traagheid.

OverzichtNaast dat het associatie-denken vermoeiend en vertragend kan zijn,

is het ook lastig om een focus krijgen. Daarentegen is het ook zo dat je in een mum van tijd verbanden ziet. Naar die verbanden wordt op school niet gevraagd. “Je droomt weg, dwaalt af, begrijpt het niet”. Je begrijpt het wel, maar zien méér! En daar is geen tijd en aandacht  voor. Terwijl het voor jou een relevante werkelijkheid is. Dat geeft je een niet gewaardeerd gevoel. Waardoor je als beelddenker veelal afhaakt. Stil blijf je in je eigen hoofd, en voelt dat je niet aan de norm kan voldoen. Precies dít maakt de schoolperiode tot een zware tijd, zowel intellectueel als emotioneel.

contextDe leerkracht die de context geeft aan het begin vd les

Is goud voor deze leerlingen. (Vorige keer over X gehad, nu gaan we Y behandelen op weg naar Z). Deze leerkracht / docent maakt een hoop gezoek door het rechter breindeel overbodig. Dit scheelt een hoop energie, brengt rust in het drukke hoofd en geeft een gevoel van mee kunnen doen vanaf het begin..

 

collegasEn dan, op een keer ga je aan het werk,

je bent door je schoolperiode heen! Echt mooi! Je gaat steeds meer je eigen norm en kracht vinden. Dat doe je omdat je als volwassene complimenten krijgt over je luister- en denkwijze. Je bent hen er mee van dienst. Luisterend kom je in je hoofd langs opties, ideeën, mogelijkheden en kansen. 32 per seconde!!  Wat een heerlijkheid. Deze waardering halen je uit je schoolschulp. Eerst wat onwennig, je gelooft het aanvankelijk maar nauwelijks, leer je vertrouwen op jouw manier van denken. Je leert de waarde voelen van je creatieve kijk, je inlevende vermogens, en mogelijkheid tot geabstraheerd overzien.

schoolschulpEen wereld van verschil

zou het maken als iedereen het kind, de collega, vriend, familielid of medestudent waar je deze trekjes in herkent zou koesteren. Juist vanwegen de talenten die hij/zij heeft. Laat hem/haar weten dat hij/zij gewaardeerd wordt om hoe hij/zij is en wat hij/zij inbrengt. Dát maakt de klim uit de opgebouwde schoolschulp wellicht overbodig of in ieder geval sneller, makkelijker, fijner.

 

 

 

smily Geniet je dag!